Natuur

Er leven honderden planten- en diersoorten in het Rijngebied. De landen in het stroomgebied werken goed samen om de natuur te beschermen.

Plankton

We beginnen met de allerkleinste plantjes en diertjes. In het Rijnwater zweven ontelbaar veel planten en dieren, die zo klein zijn dat je ze alleen door een microscoop kunt bekijken. Dat noemen we plankton. Plankton is heel belangrijk voor de natuur, omdat het voedsel is voor heel veel soorten.

Typische kiezelalg uit de Rijn (sterk vergroot) (Microscopische opname: D. Heudre)
Typische kiezelalg uit de Rijn (sterk vergroot)
Microscopische opname: D. Heudre

Bodemdiertjes

In en op de bodem van de Rijn leven veel kleine diertjes, zoals kreeftjes, bloedzuigers, insecten, wormen, mossels en slakken. Dit noemen we ongewervelde bodemdiertjes. Als je heel goed kijkt, kun je ze zonder microscoop nét zien.

Er leven ongeveer 300 verschillende soorten in de hoofdstroom van de Rijn.

Korfmossel (Foto: Grabow, BfG)
Korfmossel
Foto: Grabow, BfG
Theodoxus fluviatilis (Foto: J. Fischer)
Slak (Theodoxus fluviatilis), terug van weggeweest, omdat het water weer schoon genoeg is
Foto: J. Fischer

Vogels

Meer dan veertig watervogelsoorten komen voor in het Rijngebied. Sommige watervogels blijven het hele jaar. Dat noemen we standvogels. Andere soorten gebruiken de Rijn een tijdje als rustgebied, of om te overwinteren. Dat zijn trekvogels. Zoals kraanvogels, die de Rijn volgen tijdens hun trek.

De kolgans, wilde eend, kuifeend en meerkoet komen heel veel voor. Sommige vogels eten hele kleine diertjes die in het water leven, andere eten gras dat langs de rivier groeit.

Visetende vogels zijn er natuurlijk ook, maar dat zijn er een stuk minder. De belangrijkste twee zijn de fuut en de aalscholver.

Niet alleen watervogels vinden een plekje in het Rijngebied. Ook zangvogels en roofvogels, zoals de zwarte wouw kun je er zien.

Vissen

Er leven tussen de 60 en 70 verschillende vissoorten in de Rijn. De zalm en de zeeforel bijvoorbeeld. Ook minder bekende vissen zoals grondels, de elft en de houting.

Sommige vissen zijn erg kieskeurig. Ze leven alleen in water dat niet te warm of te zout is. Sommige vissen vind je dus alleen in kleine stukken van de Rijn of een zijrivier. Soorten die minder kieskeurig zijn, komen het meest voor in de Rijn. Dat zijn bijvoorbeeld de voorn, de brasem en de baars.

Sommige vissoorten zijn trekvissen. Deze vissen brengen een deel van hun leven in de rivier en een deel op zee door. Ze zwemmen tegen de stroom van de Rijn in en leggen zo hele grote afstanden af. Omdat mensen sluizen en stuwen in de Rijn hebben gebouwd, kunnen trekvissen niet zo maar overal langs. Om ze te helpen zijn vistrappen en vispassages aangelegd, zodat ze toch om een gemaal heen kunnen zwemmen.

Lees meer over trekvissen.